Reactie op artikel Follow the Money over huis-aan-huis werving en toezicht

Weten hoe het nu echt zit? Lees onze uitleg over huis-aan-huis werving en het toezicht op goede doelen.

Vandaag publiceerde Follow the Money een artikel over huis-aan-huis werving en het toezicht op goede doelen in Nederland. Wat Goede Doelen Nederland betreft een artikel dat een verkeerd beeld schetst van het toezicht op goede doelen en de wijze waarop de huis-aan-huis werving is georganiseerd. Wij lichten graag de feiten toe.

Steun van de samenleving via huis-aan-huis werving
Om het vele mooie werk dat goede doelen doen te kunnen financieren zijn goede doelen afhankelijk van de steun van de samenleving. Wetenschappelijk onderzoek bevestigt dat mensen vooral geven als ze gevraagd worden. Daarom zetten goede doelen een mix van verschillende methoden in om donateurs te betrekken bij hun missie. Ieder goed doel kiest zijn eigen mix van wervingsmethoden en maakt hierbij een zorgvuldige kosten baten afweging.

Huis-aan-huis werving is één van de wervingsmethoden en vooral van belang voor het werven van nieuwe structurele donateurs. Goede doelen zetten hiervoor professionele wervingsbureaus in en onderhandelen scherp over de kosten van de werving. Dit gebeurt ook wanneer andere externe bureaus worden ingehuurd zoals bij evenementen, campagnes of andere wervingsacties. Welke wervingsmethode je als goed doel ook kiest, het werven van donateurs kost geld. Per wervingsactie wordt bepaald wat er wordt geïnvesteerd tegenover de verwachte inkomsten. Dit wordt altijd geplaatst in het totale plaatje van de kosten voor fondsenwerving. Van de totale uitgaven van goede doelen ging in 2020 gemiddeld 89% naar het maatschappelijke doel. Dit betekent dus dat van iedere door het goede doel uitgegeven euro gemiddeld 89 cent naar het maatschappelijke doel gaat. De overige 11 % is organisatiekosten en kosten fondsenwerving. De toezichthouder CBF houdt de verhouding tussen de kosten fondsenwerving en doelbesteding scherp in de gaten.

Iedere gedoneerde euro, ook geworven via een wervingsbureau, gaat natuurlijk direct naar het goede doel. Maar iedere organisatie, ook een goed doel, maakt nu eenmaal kosten die betaald moeten worden. Waar het om gaat is dat de kosten fondsenwerving zo laag mogelijk blijven en daar zijn goede doelen heel zorgvuldig in’, zegt Margreet Plug, directeur Goede Doelen Nederland

Goede doelen leggen de lat hoog
Goede doelen moeten zich, net als andere organisaties, houden aan de geldende wet- en regelgeving zoals de AVG en de Telecommunicatiewet. Om gebruik te kunnen maken van fiscale voordelen bij giften houden goede doelen zich daarnaast aan de ANBI-regels van de Belastingdienst. Daarbovenop is er een Erkenningsregeling speciaal voor goede doelen die de sector in 2016 zelf heeft geïntroduceerd (zelfregulering). Deze Erkenningsregeling is voor goede doelen dé norm voor kwaliteit, transparantie, goed bestuur, integriteit, impact en toezicht. Met de Erkenning én het Erkenningspaspoort maken inmiddels zo’n 650 grote en kleine erkende goede doelen in één oogopslag zichtbaar dat ze aan alle kwaliteitseisen voldoen en zich regelmatig laten controleren door de toezichthouder het CBF. Bovendien zijn er op het gebied van de fondsenwerving, naast de Erkenningsregeling, nog diverse gedragscodes en richtlijnen waar goede doelen zich aan hebben gecommitteerd zoals bij de collecte, de huis-aan-huiswerving, direct mail en de telefonische werving. De meeste daarvan zijn onderdeel van de Reclame Code.

Goede doelen leggen de lat voor zichzelf dus hoog. Ze vervullen een belangrijke rol in de samenleving en dat kunnen ze alleen maar doen met het vertrouwen en de steun van de samenleving.

Wie spelen bij deze Erkenningsregeling een rol?
Er zijn drie partijen die een rol bij de Erkenningsregeling spelen. De onafhankelijke Commissie Normstelling die de normen vaststelt. De toezichthouder CBF die toetst of een goed doel zich aan de normen houdt. En tot slot de brancheorganisatie Goede Doelen Nederland die de belangen van goede doelen behartigt. Deze drie partijen hebben ieder een eigen rol en eigen verantwoordelijkheid en opereren daarin onafhankelijk van elkaar. Dat betekent natuurlijk niet dat ze niet met elkaar overleggen. Het overleg vindt plaats in de stuurgroep Erkenningsregeling. Hoe er met elkaar wordt samengewerkt ligt vast in een convenant. Het is essentieel dat er zowel bij de Commissie Normstelling als bij het CBF kennis over de goede doelen aanwezig is. Anders kun je geen goede normen maken en ook geen effectief toezicht houden. In de onafhankelijke Commissie Normstelling is vanzelfsprekend ook de inbreng vanuit de samenleving en de donateur geborgd. Naast enkele experts die in het verleden in de sector actief zijn geweest, komen commissieleden ook uit de kring van de gevers/donateurs. Daarnaast kent de commissie leden die als jurist of accountant werkzaam zijn of waren. Bovendien vindt bij de totstandkoming of aanpassing van normen altijd een brede maatschappelijke consultatie plaats.

Verantwoorde huis-aan-huiswerving 
Het goede doel en het wervingsbureau maken onderling afspraken over kwaliteit en kosten van de werving. Bovendien wordt op sectorniveau samengewerkt in de Stichting Regulering huis-aan-huis Werving. In dit verband zijn afspraken met de wervingsbureaus gemaakt om overvraging te voorkomen. Via het zogenoemde Wervingsrooster wordt de werving gelimiteerd en gereguleerd. Ook is er een gedragscode voor wervers opgesteld die de kwaliteit waarborgt. De wervers zijn betrokken, vaak jonge mensen, die door de wervingsbureaus en goede doelen intensief begeleid worden om hun verhaal over het goede doel te vertellen.

Als brancheorganisatie volgen wij de ontwikkelingen en de signalen die wij krijgen over fondsenwerving op de voet. Ook als het gaat over de huis-aan-huis werving. Zo maken wij ons bijvoorbeeld zorgen over de prijsontwikkeling en de mogelijke consequenties daarvan voor goede doelen nu er sprake is van krapte op de arbeidsmarkt. Wij zullen een gesprek met de wervingsbureaus hierover niet uit de weg gaan. Ook gaat er natuurlijk weleens wat fout. Maar wij blijven werken aan kwaliteitsverbetering en kostenvermindering. Ieder goed doel wil natuurlijk dat van iedere gedoneerde euro zoveel mogelijk naar de doelstelling gaat. Voorlopig ligt dat percentage op 89 procent en daar zijn wij heel trots op’, aldus Margreet Plug, directeur Goede Doelen Nederland.

Laatste Nieuws
Meer nieuws